Griekse yoghurt ijs is een van de makkelijkste ijsjes die je zelf kunt maken, en meteen een van de lekkerste. Je hebt geen ijsmachine nodig, de ingrediënten zijn eenvoudig, en het resultaat is romig, fris en een stuk lichter dan gewoon roomijs. De combinatie van de licht zure yoghurt met zoet fruit of honing maakt het tot een verfrissende traktatie op een warme dag.
Wat maakt griekse yoghurt zo geschikt voor ijs?
Griekse yoghurt is dikker en romiger dan gewone yoghurt. Dat komt doordat het wei eruit is gezeefd, waardoor de yoghurt meer eiwitten en minder vocht bevat. Die stevige structuur zorgt ervoor dat het ijs goed bevriest zonder waterig te worden. Bovendien geeft de licht zure smaak het ijs een frisheid die je bij roomijs niet terug vindt.
Vergeleken met een klassiek ijsje bevat griekse yoghurt ijs ook minder suiker en vet, afhankelijk van wat je er aan toevoegt. Het is geen dieetproduct, maar het is wél een eerlijker keuze als je weet wat erin zit.
Basisrecept: griekse yoghurt ijs met aardbei en honing
Een beproefde combinatie is griekse yoghurt met verse aardbeien en honing. Je hebt maar drie hoofdingrediënten nodig. Voor ongeveer zes ijsjes gebruik je:
- 400 gram griekse yoghurt (volle, voor de beste textuur)
- 150 gram verse aardbeien
- 2 tot 3 eetlepels honing, naar smaak
Pureer de aardbeien met een staafmixer of blender. Roer de aardbeienpur samen met de honing door de griekse yoghurt. Proef of het zoet genoeg is en voeg eventueel wat extra honing toe. Giet het mengsel in ijslolly-vormpjes, steek er een stokje in en zet ze minstens vier uur in de vriezer, bij voorkeur een nacht. Haal de vormpjes er vlak voor het eten even heel kort onder warm water langs, dan komen de ijsjes er makkelijk uit.
Variaties op dit recept
Het basisidee laat zich eindeloos aanpassen. Aardbeien kun je vervangen door mango, framboos, blauwe bessen of perzik. Honing kun je vervangen door ahornsiroop of een beetje gezeefde poedersuiker. Wil je een wat rijkere smaak, voeg dan een scheutje kokosmelk of een lepel mascarpone toe aan de yoghurt. Dat maakt het ijs wat voller van smaak.
Je kunt ook zonder fruit gaan: griekse yoghurt met citroenrasp en een beetje honing geeft een puur, friszure ijslolly die verrassend goed werkt. Of roer een paar lepels goede kwaliteit jam of lemon curd door de yoghurt voor een snellere variant.
Tips voor de beste textuur
Textuur is het lastigste aan zelfgemaakt yoghurtijs. Een paar praktische punten die helpen:
- Gebruik altijd volle griekse yoghurt. Magere varianten bevatten meer water en geven een ijziger resultaat.
- Zorg dat het mengsel goed zoet genoeg is voordat je het invriest. Bevroren smaken minder zoet dan op kamertemperatuur.
- Laat de ijsjes minstens vier uur bevriezen, liever langer. Een nacht is ideaal.
- Haal ze vijf minuten voor het serveren uit de vriezer. Dan zijn ze iets zachter en makkelijker te eten.
Geen ijslolly-vormpjes in huis?
Dat is geen probleem. Gebruik kleine plastic bekers of een muffinvorm met papieren bakjes. Dek ze af met een stukje aluminiumfolie en prik daar een houten stokje doorheen. Het werkt net zo goed. Je kunt het mengsel ook gewoon in een bakje invriezen en er bolletjes van scheppen, al wordt de textuur dan wat harder. Even tien minuten op het aanrecht laten staan helpt dan.
Griekse yoghurt ijs maken vraagt nauwelijks voorbereiding en levert een ijsje op waar je precies weet wat er in zit. Of je nu gaat voor aardbei en honing of een andere combinatie: de basis blijft hetzelfde, eenvoudig, vers en lekker fris.



